Prinsjesdag 2021

 

Prinsjesdag 2021

Dit artikel verscheen eerder in onze HBK nieuwsbrief

Afgelopen dinsdag was weer de traditionele Prinsjesdag en heeft ons demissionair Kabinet de begroting voor 2022 gepresenteerd. Een hoogtepunt in het jaar voor iedere fiscalist, maar…. meestal niet voor de belastingbetaler. Goed dus om even op te letten en scherp te zijn! Wat betekenen de aangekondigde maatregelen voor u en uw portemonnee? Is uw bedrijf er goed tegen bestand? Wij geven u graag de ‘hoogtepunten’!

Inkomstenbelasting
  • De tarieven in de inkomstenbelasting zullen licht worden aangepast voor 2022. Het basistarief zal worden verlaagd van 37,10% naar 37,07% (AOW-ers: van 19,20% naar 19,17%). Het toptarief blijft 49,5% en dit geldt al vanaf een inkomen van boven de € 69.398 (in 2021 was dit € 68.507). 
  • Het maximumbedrag van de inkomensafhankelijke combinatiekorting voor ouders die beiden werken en een kind onder de 12 jaar hebben (de IACK) zal per 1 januari 2022 worden verlaagd met € 395. 
  • Voor de toepassing van de IACK komt er een uitzondering op het fiscale partnerbegrip voor personen die geen inwoner zijn van Nederland. Op dit moment hebben deze buitenlands belastingplichtigen soms recht op de IACK terwijl een binnenlands belastingplichtige in dezelfde situatie daar geen recht op heeft. Deze onbedoelde bevoordeling van buitenlands belastingplichtigen ten opzichte van binnenlands belastingplichtigen komt te vervallen. 
  • Wanneer een woning met overwaarde wordt verkocht, ontstaat er een eigenwoningreserve (EWR), die de hoogte van de nieuwe eigenwoning lening en daarmee de aftrekbare rente beperkt. De eigenwoningregeling wordt ten aanzien van de EWR gewijzigd om onbedoelde renteaftrek beperkingen in bepaalde partner- en overlijdenssituaties weg te nemen. 
  • De steunpercentages van de Milieuinvesteringsaftrek (MIA) worden per 1 januari 2022 verhoogd van 13,5%, 27% en 36% naar respectievelijk 27%, 36% en 45%. 
  • Vanaf 1 januari 2022 zijn studiekosten en andere scholingsuitgaven niet meer aftrekbaar in de aangifte inkomstenbelasting. In plaats hiervan komt de subsidieregeling ‘STAP’. Vanaf 1 maart 2022 kan het STAP-budget worden aangevraagd bij het UWV.
Loonbelasting
  • Vanaf 2022 mag een onbelaste vergoeding van maximaal € 2 per dag(deel) worden toegekend voor thuiswerken. Er mag dan niet voor dezelfde dag een onbelaste reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer worden gegeven.
  • In 2020 en 2021 is als coronasteunmaatregel de vrije ruimte in de werkkostenregeling tijdelijk verruimd. Het is vooralsnog nog onduidelijk of deze tijdelijke verhoging in 2022 wordt verlengd.
  • Het kabinet stelt voor om de fiscale regeling voor aandelenoptierechten te wijzigen. Op basis van de huidige wetgeving wordt het voordeel dat een werknemer behaalt met een optierecht belast op het moment dat de aandelenopties worden uitgeoefend. Ongeacht of de aandelen wel of niet verhandelbaar zijn (en of er dus daadwerkelijk geld vrij komt), moet dan loonbelasting worden afgedragen. Vanaf 2022 wordt het mogelijk om de belastingheffing uit te stellen naar het moment waarop de aandelen formeel verhandelbaar worden. Let op: als de aandelen in waarde stijgen, kan dit financieel nadelig zijn.
  • Er is voorgesteld om de WBSO procedure te vereenvoudigen en verduidelijken. De vereenvoudiging zit hem in de aanvraagprocedure, waarbij S&O verklaringen elkaar kunnen overlappen.  De verduidelijking zit hem in het opvoeren van de gemaakte kosten.
  • De bijtelling voor duurdere elektrische auto’s zal in twee stappen worden aangescherpt vanaf 1 januari 2022. Het percentage van de korting (6%) wordt niet aangepast, de maximale cataloguswaarde waarop deze korting mag worden toegepast wel. Deze wordt vanaf 2022 verlaagd naar € 35.000 en vanaf 2023 naar € 30.000;
  • De tijdelijke maatregel die DGA’s van innovatieve start-ups de mogelijkheid geeft om hun gebruikelijk loon vast te stellen op het minimum loon wordt verlengd tot 1 januari 2023.
Vennootschapsbelasting
  • De vennootschapsbelastingtarieven blijven gelijk. Wel wordt de eerste tariefschijf verlengd naar € 395.000. Dus de eerste € 395.000 winst wordt belast tegen 15%, daarboven is het tarief 25%. Door het verschil in tarief kan het voordelig zijn om een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting te verbreken.
  • Vanaf 1 januari 2022 kan de ingehouden dividendbelasting op ontvangen dividenden in verband met een aandelenbezit van minder dan 5% alleen verrekend worden voor zover de vennootschap vennootschapsbelasting zou moeten betalen. Verrekening van dividendbelasting kan dus niet langer leiden tot een teruggaaf. Ook de verrekening van kansspelbelasting, wanneer als onderdeel van de ondernemingsactiviteiten een kansspel is gewonnen, wordt beperkt tot te betalen VPB. Niet verrekende dividend- of kansspelbelasting kan worden doorgeschoven naar latere jaren.
  • De milieu investeringsaftrek wordt verhoogd, wij verwijzen naar hetgeen hierover is opgemerkt onder het kopje “inkomstenbelasting”.
  • Hoewel geen onderdeel van het belastingplan, merken wij op dat eerder dit jaar is besloten dat de verliesverrekening voor de vennootschapsbelasting per 1 januari 2022 verandert. De terug wenteling van verliezen blijft beperkt tot 1 jaar. Maar vanaf 1 januari mogen verliezen daarnaast onbeperkt worden verrekend met winsten uit toekomstige jaren (de termijn van 6 jaar komt te vervallen). Daar staat tegenover dat de verliezen slechts tot een bedrag maximaal € 1.000.000 verrekend mogen worden. Bij een hogere winst mag maximaal 50% hiervan worden verrekend (voor zover er natuurlijk voldoende verliezen zijn). Hierdoor betalen bedrijven met een grote winst in winstjaren altijd vennootschapsbelasting. Verliezen die in eerdere jaren zijn geleden vallen ook onder deze nieuwe regeling.
Overdrachtsbelasting
  • Een starter op de woningmarkt jonger dan 35 jaar, die een woning koopt voor minder dan € 400.000 en die de intentie heeft die woning zelf te bewonen (‘hoofdverblijfcriterium’), hoeft geen overdrachtsbelasting te betalen. 
  • De verkrijging van een woning voor zelfbewoning en waarbij de startersvrijstelling niet van toepassing is, is belast met 2% overdrachtsbelasting. Geregeld wordt dat bij plotseling overlijden, echtscheiding, uitzending naar het buitenland of andere onvoorziene omstandigheden toch het 2% tarief of de startersvrijstelling van toepassing is ook al wordt niet voldaan aan het ‘hoofdverblijfcriterium’  in de periode dat de koopovereenkomst is gesloten maar de woning nog niet daadwerkelijk is verkregen. 
  • Om misbruik van de startersvrijstelling te voorkomen, wordt bepaald dat ook verkrijgingen van aanhorigheden worden meegeteld om vast te stellen of de woningwaardegrens van € 400.000 wordt overschreden. De praktijk liet zien dat in sommige gevallen de eigendom van de woning werd gesplitst om onder deze woningwaardegrens uit te komen. 
  • De verhuurdersheffing wordt per 1 januari 2022 verlaagd van 0,526% naar 0,485%.

HOOFDKANTOOR

Hoofdstraat 2 – 2351 AJ – Leiderdorp 

BEL ONS

+31 (0) 71 54 22 720

EMAIL ONS